Selecteer een pagina

Trrring! Trrrring! Trriiing!’

Klik
‘Hallo?’
‘PIIIIIIEEEEEEEEEEEP FWIIIIIEEEEEEET PRRRRRLLLT’
Met één doof oor smijt ik kwaad de telefoon weer op de haak.
‘Wie was dat?’
‘Een fax. Verkeerd verbonden.’

Ik heb het al lang niet meer meegemaakt, maar vroeger kwam het nog wel eens voor dat je de telefoon opnam en dan een fax aan de lijn kreeg. Op de een of andere manier stond die altijd op vol vermogen en piepte hij je in één keer doof.
Een hoop schel gefluit en gekraak. Maar wat het betekende? Iemand legde me uit dat de eerste geluiden die je hoort een fax is die contact zoekt met een andere fax. Zoiets als:

‘Hallo? Ik ben een fax. Ben jij ook een fax?’

Als hij dan een ‘ja hoor, ik ben ook een fax’ terugkreeg, dan zou hij beginnen het faxbericht door te sturen. Ik probeerde me voor te stellen hoe het zou zijn als ik zelf de juiste piepjes zou weten die ‘ja hoor, ik ben ook een fax’ betekenen. Dat ik dan met een fax zou kunnen praten.

Rond dezelfde tijd hadden we ook een inbelmodem in huis. Via de telefoon maakte onze computer verbinding met het internet. En dat opstartgeluidje, dat weet ik nog steeds uit mijn hoofd. Pieieiepieieieiepieieiepieieie tuuutuuutuuutuu piedoepiedoepiedoe pggggggggggggggggggggggggg. Dat geluidje is hetzelfde idee als die fax. ‘hallo, ik ben een modem. Ben jij het internet?’ dacht ik dan.

De Galaksija, een berg losse onderdelen

Aan die geluiden moest ik denken toen ik een artikel las over de Galaksija uit 1980. Aangezien dure dingen niet geïmporteerd konden worden in Joegoslavië in die tijd was er een markt voor lokale bedrijfjes om een goedkope, simpele computer te maken en daar succes mee te hebben.

De Galaksija was een zelf-bouw computer lang voordat de maker-movement er was. Eigenlijk begonnen alle computers ongeveer zo. De goedkoopste manier om de computer aan te schaffen was als een berg losse onderdelen (bord, chips, knoppen), die je dan zelf in elkaar moest solderen. Omdat je alleen de binnenkant van de computer kreeg was er ook een soort prestige over wie de mooiste kast had. Want die had je namelijk óók zelf gemaakt. Dit is sinds een tijdje weer terug met de Raspberry Pi, zowel het zelf bouwen als de race om de mooiste kast.

Was dat allemaal gelukt, dan had je een computer, maar nog geen software.

http://edition.cnn.com/2012/11/21/tech/innovation/witch-computer-restoration/

Software via de radio

Zoals bij veel computers in die tijd kon je programma’s opslaan op tape, in dit geval een casettebandje. Tape werd vaak gebruikt omdat het een goedkope manier van dataopslag is die vrij lang meegaat. Het nadeel is wel dat het traag is, vooral wanneer je veel moet spoelen. Anyway, data op een cassettebandje dus. Als je er zo naar kijkt, dan is de link tussen data en geluid niet zo ver.

En wat ze bedacht hadden was een bizarre manier om programma’s (software) te downloaden nog voordat de meeste mensen van ‘downloaden’ gehoord hadden: via de radio. Er was namelijk een radioprogramma dat software uitzond. Als je dan trouw met je cassetterecorder bij de radio zat en je op het juiste moment op REC drukte, dan had je een paar minuten later een bandje waar een gloednieuw programma op stond, waar je vervolgens op je Galaksija mee kon gaan klooien.