Als je eenmaal wat uit hebt gevonden en en je wilt er vervolgens een patent op aanvragen, dan moet je dat patent eerst nog wel even schrijven. En een patent schrijven, dat is een wetenschap op zich. Je wilt namelijk heel zeker weten dat jouw uitvinding beschermd is, zodat niemand anders er met jouw idee vandoor kan gaan. En als het even kan, dan wil je misschien zelfs nog wel een beetje meer dan dat.

Claims en zweetvoeten

Als je een patent leest lijkt het wel alsof het geschreven is om zoveel mogelijk informatie zo cryptisch mogelijk op te schrijven. Dat klopt. Patenten zijn vaak ellenlange documenten met veel vaktermen, eindeloze opsommingen en pagina’s voorbeelden.

Maar waar het voor de uitvinding écht om gaat dat zijn de claims. De claims zijn de stellingen die de uitvinding omschrijven en definiëren.

Stel dat ik sokken maak en in de stof zilver-nanodeeltjes verwerk. Ik heb namelijk ontdekt dat dit heel goed werkt tegen zweetvoeten (echt waar!). Dan schrijf ik een claim waarin ik zeg dat zilverdeeltjes onderdeel zijn van mijn revolutionaire nieuwe anti-zweetsokken.

Ik presenteer u: de nano sok!

Ik presenteer u: de NanoSok!

Van groot naar klein

Maar hoe specialistischer het veld, hoe specifieker je claims moeten worden. Waarom? Omdat er in sommige gebieden al heel veel gedaan is. En dus moet je extra veel moeite doen om je eigen niche te vinden. Dat specificeren kun je doen in een volgende (sub)claim, bijvoorbeeld door aan te geven hoe groot die zilverdeeltjes zouden moeten zijn voor het beste resultaat. Dan krijg je opsommingen als dit:

De deeltjes voor mijn revolutionaire anti-zweetsokken hebben bij voorkeur een grootte tussen de 1 nanometer en 1 micrometer
Nog specifieker hebben de deeltjes bij voorkeur een grootte tussen de 10 nanometer en 1 micrometer
Nog specifieker hebben de deeltjes bij voorkeur een grootte tussen de 20 nanometer en 100 nanometer
Nog specifieker hebben de deeltjes bij voorkeur een grootte van rond de 50 nanometer.

Dat leest lekker hè?

Even tussendoor: een nanometer is 0,000000001 meter: een miljardste van een meter. Een micrometer is wat groter, namelijk 0,000001 meter: een miljoenste van een meter.

De kleinste claim

En heeft het ook nut? Soms wel. Bij onenigheden over patenten geldt vaak de meest nauwkeurige omschrijving. Het zou een beetje flauw zijn als ik een patent zou mogen schrijven waarin ik zou claimen dat ik zweetvoeten tegen zou kunnen gaan door deeltjes in sokken te stoppen. Dan zou nooit meer iemand anders iets met deeltjes mogen doen. En katoen, bestaat dat niet ook uit deeltjes? Mag niemand dan meer sokken maken?

Wat trouwens niet betekent dat niemand dat soort claims probeert te maken. Proberen kan altijd, toch?

Een specifiekere claim zou zijn om te zeggen dat de zilverdeeltjes tussen de 1 nanometer en 1 centimeter moeten zijn. Maar als iemand anders later ontdekt dat deeltjes tussen de 10 en 100 nanometer onverwacht veel beter werken tegen zweetvoeten, dan maakt hij toch kans om onder mijn patent uit te komen. Dus moet ik dat gebied voor de zekerheid ook maar sub-claimen.

De kleine lettertjes

Door dit soort grappen worden patenten compleet onleesbaar. In de chemische industrie doe je iets vergelijkbaars als je een nieuw molecuul hebt uitgevonden. Eerste noem je de familie van moleculen, dan een subklasse, dan wat zijgroepen, net zo lang tot je op jouw specifieke molecuul uitgekomen bent.

Of je noemt gewoon alle moleculen op die je ooit gebruikt hebt. Of maar kunt bedenken! Het gevolg is dit soort teksten:

Heel veel kleine lettertjes in een patent

Dus.

Maar er is nog een reden om je opsommingen en specificaties zo uitgebreid te maken: het creëren van prior art.

Prior Art

Een uitvinding moet nieuw zijn om gepatenteerd te kunnen worden. Dat betekent dat de uitvinding nooit ergens anders, op wat voor manier dan ook, beschreven of besproken mag zijn voordat je je patent aanvraagt.

Als je het voor je concurrenten zo moeilijk mogelijk wilt maken dan probeer je dus zoveel mogelijk voorbeelden in je patent te zetten. Op het moment dat het patent gepubliceerd wordt dan kan iedereen het document inzien (alle patenten zijn vrij in te zien, bijvoorbeeld via Google Patents).

Daarmee zijn al die voorbeelden dus bekend bij ‘het publiek’ en wordt het prior art genoemd. Een ander bedrijf kan dan niet langer meer dat specifieke deeltje of molecuul gebruiken in een patent. Ook al was het misschien niet eens de hoofd-uitvinding in jouw patent, maar gewoon een voorbeeld in een van je eindeloze opsommingen.

Prior Duck

Maar je moet er wel mee oppassen, want je eigen patenten gelden ook als prior art voor jouw volgende uitvinding! Als jouw eigen patent iets beschrijft dat je later specifiek wilt patenteren, dan kun je jezelf lelijk in de vingers snijden. Het is bij het schrijven van patenten dus altijd zoeken naar een balans tussen afdekken en openhouden.

Wat de boel nog wat ingewikkelder maakt, is dat niet alleen andere patenten als prior art gelden. Alles wat ‘publiekelijk beschikbaar’ is kan prior art zijn. Dus ook een wetenschappelijk artikel. Of een science-fiction film. Of een blog. Of de Donald Duck.

Wat?

Ja, niet alleen Willie Wortel is een echte uitvinder, die Donald kan er ook wat van!

Donald Duck zit ook wel eens een patent dwars

(In 1964 bedacht een Deense uitvinder een manier om een gezonken schip snel te kunnen bergen. Zijn patentaanvraag bij het Nederlandse patentbureau werd geweigerd. Het schijnt dat dit komt door een Donald Duck strip uit 1949. Lees hier meer)

Lees meer over patenten:

Patenten deel 1: Een patent is ook een uitvinding.

Patenten deel 2: Waarom wil je eigenlijk een patent?

Wil je wekelijks een e-mail update van de Hoofdwerker?

Schrijf je in op de nieuwsbrief!

Nieuwsbrief wordt beheerd via MailChimp